Tepels: bouw, ontwikkeling en functie

Tepels komen bij mannen en vrouwen voor en zijn betrokken bij borstvoeding, ontwikkeling en hormonale processen. Bij de geboorte zijn de primaire geslachtskenmerken bepalend voor het onderscheid tussen jongens en meisjes. Tijdens de puberteit ontwikkelen zich de secundaire geslachtskenmerken, zoals baardgroei en een lagere stem bij jongens en borstgroei bij meisjes. Die borstontwikkeling is nodig om later borstvoeding te kunnen geven.

Een vrouwelijke borst bestaat grotendeels uit vetweefsel, ongeveer tien tot vijfentwintig melkklieren en een tepel. De tepel vormt het centrale deel van de borst en speelt een belangrijke rol bij de melkafgifte tijdens het voeden van een baby.

Waarom mannen ook tepels hebben

Ook mannen hebben tepels. Gemiddeld zelfs iets vaker extra dan vrouwen: ongeveer één op de dertien mannen wordt geboren met een derde tepel, tegenover één op de dertig vrouwen. Zo’n extra tepel wordt vaak aangezien voor een moedervlek en daardoor niet altijd herkend.

De aanwezigheid van tepels bij mannen is te verklaren door de embryonale ontwikkeling. Elk menselijk embryo begint met hetzelfde basisbouwplan, met onder andere twee tepels. Pas na ongeveer negen weken in de ontwikkeling ontstaat het verschil in geslachtsorganen.

Het onderliggende weefsel rond de tepel is bij jongens en meisjes aanvankelijk gelijk. Pas tijdens de puberteit verandert dit: bij meisjes ontwikkelen de borsten zich verder onder invloed van het hormoon oestrogeen, terwijl bij jongens het gebied rond de tepel grotendeels onveranderd blijft, afgezien van eventuele haargroei.

Kleur van tepel en tepelhof

Bij menselijke vrouwen hebben de tepels vaak een andere kleur dan de omliggende borst. Ook de tepelhof, de huid rondom de tepel, is doorgaans donkerder gekleurd. Dit onderscheid komt bij andere primaten, zoals apen, veel minder voor.

Waarom deze kleurverschillen bestaan, is niet met zekerheid bekend. Een mogelijke verklaring is dat ze als aantrekkelijk worden ervaren. Een andere theorie is dat de contrasterende kleur het voor een baby gemakkelijker maakt om de tepel te vinden tijdens het drinken.

Klieren van Montgomery en heksenmelk

In de tepelhof bevinden zich de klieren van Montgomery, zichtbaar als kleine bultjes in de huid. Deze klieren scheiden een olieachtige stof af die de huid soepel houdt en uitdroging voorkomt.

Daarnaast wordt vermoed dat deze klieren een geur afgeven die een baby stimuleert om te drinken. Bij pasgeboren meisjes en jongens kan soms wat melkachtig vocht uit de tepels komen. Dit verschijnsel staat bekend als heksenmelk en is een normaal, tijdelijk gevolg van hormonale invloeden.

Meer informatie over lichamelijke veranderingen in de puberteit is te vinden op MijnBiologie – Veranderingen in de puberteit, MijnBiologie – Man en vrouw en op Wikipedia.