Speeksel (spuug): functies, samenstelling en werking
Speeksel, ook wel spuug genoemd, speelt een belangrijke rol bij het gezond houden van de mond. Het voorkomt dat de tong en slijmvliezen uitdrogen, helpt bij het afbreken van zetmeel, neutraliseert zuren en draagt bij aan het schoonhouden van de mond. Daarnaast remt speeksel de groei van bacteriën.
Dagelijks produceert een mens gemiddeld ongeveer één liter speeksel. Dit speeksel verdwijnt via zo’n tweeduizend slikbewegingen richting de maag. Tijdens het slapen neemt de speekselproductie sterk af en slikken we gemiddeld slechts één keer per minuut.
Speekselklieren en afvoer
Speeksel wordt voornamelijk geproduceerd door drie paar speekselklieren die zowel links als rechts in het hoofd aanwezig zijn: de oorspeekselklieren, onderkaakspeekselklieren en ondertongspeekselklieren. Deze klieren liggen buiten de mondholte en geven hun speeksel via afvoerbuizen af aan de mond.
De afvoerbuizen van de oorspeekselklieren zijn met de tong te voelen als kleine bultjes aan de binnenzijde van de wang, ter hoogte van de bovenste rij tanden. De afvoerbuizen van de andere klieren monden uit onder de tong, links en rechts van de tongriem.
Uit de afvoerbuizen in de wang komt speeksel vooral vrij als reactie op prikkels zoals voedsel. Onder de tong wordt daarentegen voortdurend speeksel afgegeven. De samenstelling van speeksel verandert afhankelijk van het soort voedsel dat zich in de mond bevindt.
Samenstelling van speeksel
Speeksel bestaat uit water, eiwitten, enzymen, hormonen, antistoffen, slijm, kalkhoudende stoffen en elektrolyten. Deze stoffen zorgen samen voor een pH-waarde die meestal ligt tussen 5,5 en 7,5. Door deze samenstelling beschermt speeksel het gebit en het mondslijmvlies.
De kalkhoudende stoffen in speeksel dragen bij aan het verharden van het tandglazuur. De afvoerbuizen onder de tong zijn gericht op de achterkant van de onderste snijtanden. Daardoor botsen de kalkhoudende stoffen hier als eerste tegenaan, wat verklaart waarom op deze plek relatief snel tandsteen ontstaat.
Productie en beschermende werking
Speeksel ontstaat in de speekselklieren door het filteren van bloed. Bloedcellen blijven achter, terwijl hormonen en antistoffen in het speeksel terechtkomen. Met behulp van een speekseltest kan daarom worden onderzocht of iemand bepaalde hormonen of aanwijzingen voor een immuunziekte heeft.
Het slijm in speeksel maakt voedsel gladder, waardoor slikken gemakkelijker verloopt. Tegelijkertijd vormt dit slijm een beschermend laagje over het gebit en het tandvlees, wat slijtage en bacteriegroei tegengaat.
Speeksel en pijnstilling
De mondholte bevat veel zenuwuiteinden en is daardoor zeer gevoelig. Kleine wondjes kunnen daarom snel pijnlijk aanvoelen. Speekselklieren kunnen pijnstillende stoffen aan het speeksel toevoegen, waaronder opiorfine, dat een sterkere werking heeft dan morfine.
Deze stoffen komen slechts in zeer kleine hoeveelheden voor, zodat de mond niet volledig wordt verdoofd. Tijdens het kauwen wordt extra speeksel met opiorfine aangemaakt, waardoor klachten zoals keelpijn of pijnlijke plekjes in de mond vaak afnemen. Kauwgom kauwen kan daarom verlichting geven bij keelpijn.
Speeksel bevat ook het eiwit histatine, dat het herstel van wondjes in de mond bevordert. Doordat ’s nachts minder speeksel wordt geproduceerd, ervaren veel mensen ’s ochtends meer keelpijn en een slechtere adem, omdat bacteriën minder goed worden opgeruimd.
Meer informatie over de rol van speeksel bij de spijsvertering is te vinden op mijnbiologie.nl en op de pagina over voedsel verteren. Aanvullende achtergrondinformatie staat op Wikipedia.