Lever: ligging, bouw en functies

Algemene kenmerken van de lever

regeling van het glucosegehalte in het bloed met insuline en glucagon door lever en alvleesklier De lever is met een gewicht van ongeveer anderhalve kilogram het zwaarste inwendige orgaan van het menselijk lichaam. Het orgaan ligt hoog in de rechterbovenbuik en ligt daarbij grotendeels beschermd achter de ribben.

Bovendien vervult de lever een uitzonderlijk groot aantal functies: er vinden naar schatting zo’n zeshonderd verschillende processen plaats. Zo produceert de lever belangrijke stoffen zoals vetten en eiwitten, maakt hij schadelijke stoffen onschadelijk, speelt hij een centrale rol in de energiehuishouding en produceert hij gal.

Galproductie en vetvertering

Vet lost niet op in water, terwijl het menselijk lichaam grotendeels uit water bestaat. Toch moet het lichaam vetten uit voedsel kunnen opnemen. Daarom produceert de lever gal, een vloeistof die hierbij een essentiële rol speelt.

Dagelijks produceert de lever ongeveer één liter galvloeistof. Vervolgens stroomt deze gal via de galwegen naar de galblaas, waar het lichaam de vloeistof tijdelijk opslaat. Zodra vet voedsel de darm bereikt, trekt de galblaas samen en komt de gal vrij in de twaalfvingerige darm.

Gal bevat geen enzymen en verteert vetten dus niet rechtstreeks. In plaats daarvan verdeelt gal vetten in zeer kleine druppeltjes; dit proces heet emulgeren. Daardoor kunnen vetten daarna efficiënt door de darmwand worden opgenomen.

Na het emulgeren heeft het lichaam de gal niet meer nodig. Het grootste deel van de galbestanddelen neemt het lichaam opnieuw op in de darmen en gebruikt het opnieuw. Het kleine restant dat achterblijft, geeft de ontlasting zijn bruine kleur.

Doorbloeding en verwerking van stoffen

Omdat de lever zoveel verschillende taken uitvoert, stroomt er zeer veel bloed doorheen. Per minuut passeert ongeveer anderhalve liter bloed dit orgaan. De lever ontvangt dit bloed via twee aanvoerende bloedvaten.

De leverslagader voorziet de lever van zuurstofrijk bloed. Daarnaast voert de poortader bloed aan vanuit het darmstelsel, dat grote hoeveelheden opgenomen voedingsstoffen bevat. In de lever verwerkt het lichaam deze stoffen verder.

Zo kan de lever suikers opslaan, eiwitten opbouwen en vetten omzetten. Tegelijkertijd breekt hij schadelijke stoffen af, zoals alcohol en reststoffen van medicijnen.

Leververvetting en alcoholgebruik

Langdurig en overmatig alcoholgebruik kan leiden tot een vette lever. In dat geval raken levercellen ontstoken en slaan zij vetten op. Daardoor zwelt de lever op en krijgt hij een gelige kleur.

Leververvetting is echter meestal omkeerbaar. Wanneer iemand de oorzaak wegneemt, bijvoorbeeld door te stoppen met alcoholgebruik, herstelt de leverfunctie zich in veel gevallen.

Leverziekten en levertransplantatie

Wanneer de lever door langdurige schade zijn functies niet meer kan uitvoeren, kan een levertransplantatie noodzakelijk worden. In Nederland voeren artsen jaarlijks, afhankelijk van het beschikbare aanbod, ongeveer 110 tot 140 levertransplantaties uit.

Ook mensen met een ontstoken lever als gevolg van hepatitis B of C kunnen hiervoor in aanmerking komen. Hepatitis ontstaat door een virus en kan uiteindelijk leiden tot levercirrose.

Bij levercirrose raken levercellen ernstig beschadigd en verliezen zij het vermogen om zich te herstellen. De beschadigde cellen sterven af en maken plaats voor littekenweefsel. Daardoor kan de lever zijn functies steeds minder goed uitvoeren, waardoor uiteindelijk een transplantatie nodig wordt.

Meer informatie over de regeling van lichaamsprocessen is te vinden op mijnbiologie.nl en deze verdiepende pagina. Aanvullende achtergrondinformatie over de lever is beschikbaar via Wikipedia.