Haren: opbouw, soorten en functies bij de mens

Schema van de huid met opperhuid, lederhuid, onderhuid, haarzakje, talgklier, zweetklier, zenuwen en bloedvaten Mensen behoren tot de zoogdieren en delen met deze diergroep een aantal gemeenschappelijke kenmerken. Zo zijn zoogdieren warmbloedig, ademen zij met longen, zijn zij meestal levendbarend en hebben zij een huid die bedekt is met haren. Ook bij de mens is dit het geval. Vrijwel de gehele huid is bedekt met kleine donshaartjes; uitzonderingen zijn onder andere de oorschelp, lippen, handpalmen, voetzolen, penis en navel.

Deze donsharen spelen een rol bij de regulatie van de lichaamstemperatuur. Daarnaast bezit de mens dikkere, langere en donkerdere haren, het zogenoemde terminaal haar. Dit type haar komt voor op het hoofd, in het gezicht, onder de oksels en rond de geslachtsorganen. Bij mannen veranderen tijdens de puberteit ook op andere plaatsen donsharen in terminaal haar, zoals op de borst, armen en benen.

Haren en evolutie

In 1967 publiceerde de Engelse zoöloog Desmond Morris het boek De naakte aap, waarin de mens wordt vergeleken met andere mensapen. De titel is echter enigszins misleidend, aangezien de mens meer haarzakjes heeft dan een chimpansee en in dat opzicht zelfs hariger is. De haren van mensapen zijn echter beter zichtbaar, omdat ze dikker, donkerder en langer zijn.

Het aantal haren op het hoofd verschilt per haarkleur. Blonde mensen hebben gemiddeld ongeveer 140.000 hoofdharen, die relatief dun zijn. Mensen met donker haar hebben doorgaans rond de 90.000 haren, maar deze zijn gemiddeld dikker. In totaal beschikt een mens over ongeveer twee miljoen haren verspreid over het hele lichaam.

Haarzakjes en haargroei

Elke haar groeit uit een eigen haarzakje, dat zich enkele millimeters onder het huidoppervlak bevindt. In het haarzakje vindt zeer actieve celdeling plaats; nergens in het lichaam worden zoveel nieuwe cellen aangemaakt. Gezamenlijk produceren alle haarzakjes samen dagelijks meer dan drie meter haar.

Haren groeien niet onbeperkt door, maar vallen uit na een groeiperiode van ongeveer twee tot zeven jaar. Dagelijks verliest een mens gemiddeld zo’n honderd haren. Na het uitvallen kunnen uit hetzelfde haarzakje opnieuw haren groeien, soms zelfs tot tien keer.

Haarkleur en pigmentatie

Blanke kinderen worden vaak met blond haar geboren en krijgen pas later een donkerdere haarkleur. Dit komt doordat de genen die de haarkleur bepalen pas op latere leeftijd actief worden. Deze genen sturen de productie van het pigment melanine in de haarzakjes aan.

Hoe meer melanine er wordt aangemaakt, hoe donkerder het haar. Zolang deze genen nog niet actief zijn, blijft de haarkleur licht. Naarmate de pigmentproductie toeneemt, verandert de haarkleur geleidelijk.

Kippenvel en functie van haarspiertjes

Aan ieder haarzakje zit een klein spiertje vast. Wanneer het koud is, trekken deze spiertjes samen, waardoor de haren rechtop gaan staan. Dit verschijnsel staat bekend als kippenvel. Bij zoogdieren zorgt dit mechanisme voor het vasthouden van een isolerende luchtlaag tussen huid en vacht.

Bij de mens is het effect van kippenvel echter verwaarloosbaar, omdat er te weinig terminaal haar aanwezig is om een effectieve isolerende luchtlaag te vormen. Het verschijnsel wordt daarom gezien als een evolutionair overblijfsel zonder directe functie.

Meer achtergrondinformatie over zoogdieren is te vinden op mijnbiologie.nl. Een uitgebreid overzicht van haren bij zoogdieren staat beschreven op Wikipedia.