7.6 Water | Uitlegfilm
Water is in Nederland erg belangrijk. We gebruiken het voor drinkwater, voor transport en voor het beregenen van landbouwgrond. Ook leven er veel organismen in water en halen we er voedsel uit, zoals vis. Daarom is het belangrijk dat we water zo schoon mogelijk houden.
In Nederland zijn er verschillende waterbronnen. Je kunt denken aan grondwater, maar ook aan oppervlaktewater zoals rivieren, meren en sloten. Al dat water heeft dus meerdere functies. Juist daardoor is het belangrijk om vervuiling te voorkomen.
Water heeft van nature een zelfreinigend vermogen. In oppervlaktewater leven namelijk veel reducenten, zoals bacteriën en schimmels. Zij breken dode organische resten af. Daardoor blijven er niet overal resten van dode planten en dieren in het water liggen.
Bij die afbraak komen ook stoffen vrij die waterplanten weer nodig hebben. Zo ontstaat een kringloop van stoffen in het water. Dat zelfreinigende vermogen werkt alleen goed als er genoeg reducenten aanwezig zijn en als het water niet te sterk vervuild raakt.
Hoe raakt water vervuild?
Door menselijke activiteiten kunnen er te veel stikstofhoudende mineralen in het oppervlaktewater terechtkomen. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren door de landbouw of door de industrie. Het water wordt dan erg voedselrijk.
Daardoor groeien algen en waterplanten heel snel. Zo’n sterke groei van algen noem je ook wel een algenbloei. In eerste instantie lijkt dat misschien gunstig, maar het zorgt juist voor grote problemen in het water.
Algen hebben namelijk een korte levenscyclus. Ze groeien snel, maar sterven ook snel weer af. Vervolgens breken reducenten al die dode algen af. Dat doen ze met behulp van verbranding, en daarbij gebruiken ze veel zuurstof.
Daardoor kan het zuurstofgehalte in het water sterk dalen. Vooral ’s nachts ontstaat er dan een probleem, omdat er geen fotosynthese plaatsvindt. Als er te weinig zuurstof overblijft, sterven ook andere organismen in het water. Uiteindelijk kan een sloot of meer veranderen in een stinkende, modderige massa waarin bijna niets meer leeft.
Ook chemische afvalstoffen zijn schadelijk. Deze stoffen verstoren het zelfreinigende vermogen van water. Ze kunnen reducenten beschadigen, waardoor dode resten minder goed worden afgebroken. Bovendien is dat extra gevaarlijk, omdat we ons drinkwater ook uit grondwater en oppervlaktewater halen.
Daarnaast zorgt ook plasticvervuiling voor problemen. Grote hoeveelheden plastic komen terecht in rivieren, meren en zeeën. Door zeestromingen hopen die plastics zich op bepaalde plekken op. Dat noem je de plastic soep.
Plastic blijft niet alleen als grote stukken in het water drijven. Het valt ook uiteen in hele kleine deeltjes. Die noem je microplastics. Deze deeltjes komen in de voedselketen terecht. Daardoor zijn ze schadelijk voor waterorganismen en uiteindelijk ook voor mensen die bijvoorbeeld vis eten.
Drinkwater en het zuiveren van rioolwater
In Nederland maken we drinkwater vooral van grondwater en oppervlaktewater. Oppervlaktewater, bijvoorbeeld uit rivieren, wordt in meerdere stappen gereinigd. Daarna is het pas veilig genoeg om te drinken. Dat is nodig, omdat er veel vervuilende stoffen in het water kunnen zitten.
Het zuiveren van drinkwater is een ingewikkeld proces. Daarom geldt ook hier: wat niet in het water terechtkomt, hoeft er later niet uitgehaald te worden. Schoon oppervlaktewater maakt de productie van drinkwater dus eenvoudiger en veiliger.
Ook rioolwater wordt in Nederland gezuiverd voordat het teruggaat naar het oppervlaktewater. Je kunt rioolwater niet zomaar lozen in sloten, meren of rivieren. Daarom doorloopt het water eerst verschillende zuiveringsstappen.
Eerst worden de grote stukken afval uit het water gehaald. Vervolgens laat men het water stilstaan, zodat kleine deeltjes naar de bodem kunnen bezinken. Daarna breken reducenten organische resten verder af.
Vervolgens halen speciale filters en straling ook schadelijke chemische stoffen uit het water. Wat overblijft, is onder andere slib als afvalproduct. Dat slib kan daarna bijvoorbeeld worden verwerkt of verbrand in een biomassacentrale.
Water is dus onmisbaar voor mens en natuur. Daarom moeten we zorgvuldig omgaan met waterbronnen, vervuiling beperken en afvalwater goed zuiveren. Alleen dan blijft er voldoende schoon water beschikbaar voor nu en voor later.
Liever de samenvatting lezen? Lees hier de
samenvatting over paragraaf 7.6
.
Klaar met luisteren?
Test jezelf met vragen over 7.6
.