6.1 Organismen en hun omgeving | Sleep de woorden

1. De leefomgeving die invloed heeft op organismen en door hen beïnvloed wordt.
2. Biologie die onderzoekt hoe organismen en hun milieu met elkaar samenhangen.
3. Invloeden afkomstig van de levende natuur, zoals soortgenoten of roofdieren.
4. Invloeden afkomstig van de levenloze natuur, zoals temperatuur of licht.
5. Organisatieniveaus waarop ecologen relaties in de natuur bestuderen.
6. Eén enkel levend wezen dat tot een soort behoort.
7. Groep organismen van dezelfde soort in een gebied die zich kunnen voortplanten.
8. Alle populaties van verschillende soorten die samenleven in een bepaald gebied.
9. Alle abiotische factoren in een gebied waarin organismen leven.
10. Eenheid van biotische en abiotische factoren in een bepaald gebied.
11. Deel van de aarde waar leven mogelijk is.
12. Reeks soorten waarbij elke soort voedselbron is voor de volgende.
13. Elke soort of groep organismen in een voedselketen.
14. Geheel van voedselrelaties in een ecosysteem met meerdere ketens.
15. Totale hoeveelheid energierijke stoffen in een organisme of voedselketenschakel.
Score: 0 van de 15 goed (0%)
Milieu
Ecologie
Biotische factoren
Abiotische factoren
Niveaus
Individu
Populatie
Levensgemeenschap
Biotoop
Ecosysteem
Biosfeer
Voedselketen
Schakel
Voedselweb
Biomassa