6.1 Eten en gegeten worden | Invuloefening

Planten en dieren zijn met elkaar verbonden doordat ze elkaar eten. In een wordt elke soort gegeten door de volgende soort. Zo begint een keten altijd met , zoals planten of algen. Zij maken tijdens de met behulp van zonlicht van energiearme stoffen nieuwe stoffen. Deze stoffen bevatten energie die andere nodig hebben om te leven.


Dieren die deze stoffen binnenkrijgen, noem je . Er zijn verschillende soorten consumenten. Planteneters eten alleen planten en staan altijd als schakel in een voedselketen. eten andere dieren en staan meestal hoger in de keten. Alleseters kunnen zowel planten als dieren eten en kunnen daarom op verschillende plekken in de voedselketen staan. Alle voedselketens samen vormen een .


Als planten en dieren sterven, worden hun resten afgebroken door , zoals bacteriën en schimmels. Zij zetten de energierijke stoffen weer om in energiearme stoffen, zoals water en . Planten kunnen deze stoffen opnieuw opnemen. Zo ontstaat een , waarin stoffen steeds opnieuw worden gebruikt. Al deze omzettingen samen noem je de .

Score: 0 van de 1 goed (0%)