5.5 Gedrag Samenvatting
Wat is gedrag?
Gedrag bestaat uit handelingen die samenhangen en een gezamenlijk doel hebben. Zo bestaat het jachtgedrag van een lynx uit opeenvolgende handelingen als spieden en sluipen. Zo’n vaste reeks van handelingen noem je een gedragsketen, waarbij het effect van de ene handeling leidt tot de volgende.
Motivatie
Een prikkel is een invloed uit de omgeving waarop een organisme reageert met een respons.
- Inwendige prikkel: ontstaat binnen het lichaam, zoals honger.
- Uitwendige prikkel: komt van buitenaf, zoals een geur.
Motivatie is de bereidheid om op een prikkel te reageren. Als je motivatie laag is (bijvoorbeeld je zit vol), reageer je niet op een prikkel. Is de motivatie hoog (je hebt honger), dan leidt dezelfde prikkel wél tot gedrag.
Aangeboren en aangeleerd
Gedrag kan aangeboren zijn, zoals zuigen bij pasgeboren dieren, of aangeleerd, zoals leren eten met een lepel. Aangeleerd gedrag ontstaat door ervaring of oefening.
Sociaal gedrag
Sociaal gedrag is gedrag tussen soortgenoten. Een handeling van de één is een signaal of prikkel voor een ander. Zo is het opsteken van een hand een signaal waarmee mensen en dieren communiceren.
- Mensen: gebruiken signalen zoals taal, gezichtsuitdrukking en gebaren.
- Dieren: gebruiken kleur, geluid of geur.
Gedrag van mensen
Mensen denken na over hun gedrag en beoordelen dat van anderen. Om goed samen te leven, zijn er waarden (wat mensen belangrijk vinden, zoals respect en eerlijkheid) en normen (gedragsregels gebaseerd op die waarden, zoals ‘je mag niet stelen’).
Observatie en interpretatie
Observatie is het objectief waarnemen van gedrag, bijvoorbeeld: iemand steekt zijn hand op. Interpretatie is wat je denkt dat dit betekent, bijvoorbeeld: iemand wil iets zeggen of begroeten. De betekenis hangt af van de situatie en andere signalen zoals gezichtsuitdrukking of lichaamshouding.
Woordenlijst
- Aangeboren gedrag: Gedrag dat niet geleerd hoeft te worden, maar vanaf de geboorte aanwezig is.
- Aangeleerd gedrag: Gedrag dat ontstaat doordat iemand iets leert of nadoet.
- Gedragsketen: Een reeks handelingen die elkaar in vaste volgorde opvolgen, waarbij de ene handeling leidt tot de volgende.
- Handelingen: Dingen die een mens of dier doet als onderdeel van gedrag.
- Inwendige prikkel: Een prikkel die in het lichaam ontstaat, zoals honger of dorst.
- Interpretatie: Wat je denkt dat het waargenomen gedrag betekent.
- Motivatie: De bereidheid om op een prikkel te reageren of bepaald gedrag te vertonen.
- Normen: Gedragsregels die zijn gebaseerd op waarden.
- Observatie: Wat je feitelijk waarneemt van gedrag.
- Respons: Een reactie op een prikkel.
- Signaal: Een handeling die bij sociaal gedrag als prikkel werkt voor het gedrag van een ander.
- Sociaal gedrag: Gedrag van soortgenoten tegenover elkaar.
- Uitwendige prikkel: Een prikkel die van buiten het lichaam komt en die je via zintuigen kunt waarnemen.
- Waarden: De dingen die mensen belangrijk vinden in het leven.
Klaar met lezen? Test jezelf met vragen over 5.5 .
Meer lezen? NU.nl – Wereldberoemde chimpansee-onderzoekster Jane Goodall (91) overleden .
Meer lezen? NOS.nl – Kolossaal spinnenweb ontdekt met meer dan 100.000 spinnen .