4.5 Territorium Samenvatting

Waarvoor dient een territorium?

Veel dieren hebben een territorium: een eigen gebied waar ze kunnen leven, voedsel zoeken en hun jongen verzorgen. Denk aan een merelmannetje dat zingt vanaf een hoge tak. Daarmee zegt hij: ‘Dit is mijn plek!’ en hij probeert tegelijk een vrouwtje te lokken. Zo’n gebied kan een nestterritorium zijn (voor het nest) of een voedselterritorium (om eten te zoeken). Door territoria verspreiden dieren zich beter over een gebied en hoeven ze minder vaak te vechten. Dat vergroot de kans dat er meer jongen groot worden.

Wat is territoriumgedrag?

Alles wat een dier doet om zijn territorium af te bakenen en te verdedigen, noemen we territoriumgedrag. Dat gedrag ontstaat vaak door prikkels, zoals daglicht of het zien van een soortgenoot. Bij merels zorgt zonlicht ervoor dat ze gaan zingen, en bij roodborstjes kan zelfs alleen de kleur rood al voor agressie zorgen. Binnen hun eigen territorium zijn dieren vaak strijdlustig, erbuiten juist eerder bang.

Hoe gedragen dieren zich op de grens van hun gebied?

Op de grens van een territorium weten dieren soms niet of ze moeten vechten of vluchten. Dan zie je dreiggedrag: een combinatie van aanval en angst, waarbij er nog niet echt gevochten wordt. Bij twijfel kan er ook overspronggedrag ontstaan: gedrag dat eigenlijk niet bij de situatie past, zoals een zwaan die ineens zijn veren gaat poetsen. Soms richten dieren hun frustratie op iets anders – dat heet omgericht gedrag. Een meeuw die een grasspriet lostrekt in plaats van te vechten, is daar een voorbeeld van.

Woordenlijst

  • Dreiggedrag: Als dieren (of mensen) tegelijkertijd agressief en bang zijn; bij dreigen laat een dier zien wie de sterkste is zonder te vechten.
  • Nestterritorium: Eigen plek van een dier, waar het zijn nest heeft.
  • Omgericht gedrag: 'Afreageren'; het twijfelende dier (of mens) richt zijn agressie op iets anders dan de soortgenoot.
  • Overspronggedrag: Gedrag van een dier dat niet bij de situatie past; het gedrag ontstaat als het dier (of mens) twijfelt tussen twee soorten gedrag.
  • Territorium: Eigen gebied, bijvoorbeeld om een nest te bouwen, om voedsel te zoeken of om de jongen groot te brengen.
  • Territoriumgedrag: Al het gedrag dat een dier laat zien bij het uitzetten en verdedigen van een eigen gebied.
  • Voedselterritorium: Eigen plek van een dier, waar het zijn voedsel verzamelt.