4.1 Prikkels en gedrag | Invuloefening
Alles wat een mens of dier doet noem je . Het kan worden beïnvloed door prikkels, zoals veranderingen in de omgeving, en prikkels, zoals honger of angst. Gedrag ontstaat doordat een organisme reageert op . Voorbeelden hiervan zijn het van jonge vogels bij het zien van een ouder met voer. Sommige prikkels, zoals een , lokken altijd hetzelfde gedrag uit.
Of een prikkel tot gedrag leidt, hangt af van de drempelwaarde. Deze wordt beïnvloed door , wat de bereidheid is om te reageren. Motivatie ontstaat door een combinatie van uitwendige en inwendige prikkels. Gedrag kan worden bestudeerd door een etholoog, die een opstelt. Dit is een lijst met beschrijvingen van , de kleinste eenheden van gedrag. Vervolgens wordt een gemaakt, waarin wordt bijgehouden hoe vaak en in welke volgorde deze handelingen voorkomen.