3.1 Steeds kleinere groepen | Sleep de woorden

1. Eigenschap waaraan je een organisme kunt onderscheiden van andere organismen.
2. Organismen verdelen in groepen op basis van één of meer kenmerken.
3. Organismen zonder celkern, zoals bacteriën en archaea.
4. Organismen met cellen die een celkern bevatten.
5. Een grote groep organismen, zoals planten, dieren of schimmels.
6. Eencellige prokaryoten zonder celkern, vaak met een celwand.
7. Eencellige organismen zonder celkern die lijken op bacteriën.
8. Stevige laag om sommige cellen, bijvoorbeeld bij planten en schimmels.
9. Structuren in plantencellen waarmee fotosynthese plaatsvindt.
10. Organisme dat uit meerdere cellen bestaat, zoals mensen en dieren.
11. Organisme dat uit slechts één cel bestaat.
12. Groep organismen die sterk op elkaar lijken en verwant zijn.
13. Organismen die zich onderling kunnen voortplanten en vruchtbare nakomelingen krijgen.
14. Schema waarmee je de indeling van organismen in groepen laat zien.
15. Groep binnen een rijk, zoals gewervelden of geleedpotigen.
Score: 0 van de 15 goed (0%)
Kenmerk
Ordenen
Prokaryoten
Eukaryoten
Rijk
Bacteriën
Archaea
Celwand
Bladgroenkorrels
Meercellig
Eencellig
Geslacht
Soort
Vertakkingsschema
Stam