2.6 Celdeling Samenvatting

Celdeling

Schema van celdeling met een moedercel die zich splitst in twee identieke dochtercellen met celkern en chromosomen In je lichaam sterven voortdurend cellen af, bijvoorbeeld in de bovenste laag van je huid. Elke dag verlies je miljoenen dode huidcellen, maar door celdeling ontstaan er steeds nieuwe. Zo blijft het aantal cellen gelijk. Als er meer nieuwe cellen bijkomen dan er doodgaan, dan groei je.

Een kopie

Nieuwe cellen ontstaan op een vaste manier. Eerst maakt elk chromosoom in de celkern een kopie. Vervolgens ontstaan er twee kernen, elk met een volledige set chromosomen. De cel splitst zich daarna in twee dochtercellen; de oorspronkelijke heet de moedercel.

Daarna groeien de dochtercellen door plasmagroei: er komt extra cytoplasma bij. De dochtercellen hebben dezelfde erfelijke informatie als de moedercel.

Celcyclus

Na de deling wordt één dochtercel een gespecialiseerde cel, zoals een huidcel of spiercel. De andere blijft ongespecialiseerd en kan opnieuw delen. Dit proces herhaalt zich steeds en heet de celcyclus. De celcyclus is belangrijk voor de groei en ontwikkeling van een organisme.

Stamcellen

Sommige cellen kunnen zich maar een paar keer delen, andere helemaal niet. Stamcellen kunnen zich echter oneindig vaak delen en zorgen zo voor groei en herstel van weefsels.

  • Gewone stamcellen: vormen meestal alleen cellen van het weefsel waarin ze zich bevinden, bijvoorbeeld een spiercel uit een spierstamcel.
  • Stamcellen in het beenmerg: kunnen verschillende soorten cellen vormen, zoals vetcellen, botcellen en bloedcellen.
  • Embryonale stamcellen: komen uit een embryo en kunnen alle soorten cellen maken.

Woordenlijst

  • Celcyclus: Het steeds terugkerende proces van celdeling, groei en weer een nieuwe deling.
  • Celdeling: Proces waarbij uit één cel twee nieuwe cellen ontstaan.
  • Dochtercellen: De nieuwe cellen die ontstaan na een deling.
  • Embryonale stamcellen: Cellen uit een embryo waaruit alle verschillende typen cellen kunnen ontstaan.
  • Gespecialiseerde cel: Een cel die een bepaalde functie in het lichaam gaat uitoefenen.
  • Moedercel: De cel die zich deelt en waaruit nieuwe cellen gevormd worden.
  • Plasmagroei: Het groter worden van nieuwe cellen doordat er extra cytoplasma gevormd wordt.
  • Stamcellen: Cellen die zich oneindig vaak kunnen delen en zorgen voor groei en herstel van weefsels.