2.4 Blessures Samenvatting

Hoe krijg je blessures?

Blessures zijn beschadigingen aan botten, spieren of gewrichten. Ze kunnen ontstaan door:

  • Vallen of verkeerde bewegingen (bijvoorbeeld tijdens sporten).
  • Overbelasting door herhalende bewegingen.

Sporters lopen jaarlijks ongeveer 4,5 miljoen blessures op. Toch is sporten gezonder dan niet bewegen.

Hoe behandel je een botblessure?

Botten kunnen breken; soms is een operatie nodig. Behandeling: het bot wordt gezet en in gips gedaan (ongeveer 6 weken). Tijdens de genezing wordt extra beenweefsel aangemaakt om het bot te herstellen.

Welke gewrichtsblessures zijn er?

Er bestaan verschillende soorten gewrichtsblessures:

  • Ontwrichting: De gewrichtsknobbel schiet uit de kom (bijv. tijdens handbal). Behandeling: een arts zet het gewricht terug; rust is nodig.
  • Verstuiking: Gewrichtsbanden en kapsel rekken te ver uit of scheuren. Symptomen: zwelling, pijn; koelen en rust zijn belangrijk.

Knieblessures

  • Gescheurde kruisband: Minder stevigheid in het gewricht.
  • Voetbalknie: De meniscus scheurt door een draaibeweging. Behandeling: kijkoperatie of bijslijpen van de meniscus.

Welke spierblessures zijn er?

Er zijn verschillende soorten spierblessures:

  • Spierpijn: Ontstaat door ophoping van afvalstoffen in de spieren.
  • Kneuzing: Spiervezels en bloedvaatjes beschadigd door een klap; vaak blauwe plek.
  • Spierkramp: Spier trekt plotseling samen door overbelasting; stoppen met de beweging helpt.
  • Spierscheuring: Scheurtje in de spier; kan plotseling (zweepslag) of door overbelasting ontstaan.

Hoe voorkom je blessures?

Blessures kun je voorkomen door goed voorbereid te sporten:

  • Bescherming: Draag geschikte sportkleding en beschermers (bijv. keepershandschoenen).
  • Intapen: Tape gewrichten om blessures te voorkomen.
  • Warming-up: Bereid je spieren en gewrichten voor op inspanning.
  • Afbeelding van een hernia in de wervelkolom met uitpuilende tussenwervelschijf en beknelde zenuw
  • Coolingdown: Voorkomt spierpijn door afvalstoffen af te voeren.

Wat is een goede lichaamshouding?

Een rechte rug in een dubbele S-vorm voorkomt klachten. Verkeerd tillen kan rugproblemen geven, zoals een hernia. Til met een rechte rug en gebruik je benen voor ondersteuning.

Woordenlijst

  • Afvalstoffen: Stoffen die ontstaan in een werkende spier.
  • Bescherming: Beschermende middelen, bijvoorbeeld een helm of kniebeschermers, voorkomen blessures.
  • Blessure: Beschadiging aan een bot, spier of gewricht.
  • Botbreuk: Blessure aan een bot; een breuk in een bot.
  • Coolingdown: Oefeningen na afloop van een sporttraining of -wedstrijd, waardoor afvalstoffen uit spieren worden afgevoerd.
  • Gescheurde kruisband: Blessure van het kniegewricht; er zit een scheurtje in een van de kruisbanden.
  • Hernia: Uitpuilende tussenwervelschijf; hierdoor kunnen zenuwen klem komen te zitten.
  • Intapen: Omwikkelen van gewrichten met linnen plakband waardoor je gewrichtsblessures voorkomt.
  • Lichaamshouding: De manier waarop je zit, staat en beweegt; bij een goede lichaamshouding houd je je rug recht.
  • Overbelasting: Te zwaar gebruiken van spieren en gewrichten; hierdoor kunnen blessures ontstaan.
  • Spierkneuzing: Blessure aan een spier; door een botsing zijn er spiervezels en bloedvaatjes in een spier stukgegaan.
  • Spierkramp: Blessure aan een spier; spier trekt plotseling krachtig samen.
  • Spierpijn: Pijn doordat er veel afvalstoffen in een spier zijn achtergebleven.
  • Spierscheuring: Blessure aan een spier; er zit een scheurtje in de vliezen binnen in een spier.
  • Verstuiking: Blessure aan een gewricht; de gewrichtsbanden en/of het gewrichtskapsel zijn te veel uitgerekt.
  • Voetbalknie: Blessure van het kniegewricht; een gescheurde meniscus; ontstaat meestal door een draaibeweging terwijl de voet vaststaat.
  • Warming-up: Oefeningen waarbij de spieren worden voorbereid op een sportprestatie; de spieren raken goed doorbloed.
  • Zetten: Bij een botbreuk duwt een arts de botstukken precies tegen elkaar, daarna komt er gips om de botten.
  • Zweepslag: Plotselinge spierscheuring, bijvoorbeeld in de kuitspier.